In de serie Flora onderzoek ik de kwetsbaarheid van plantaardige vormen. Bladeren en stengels verschijnen niet als botanische registraties, maar als echo’s en sporen van leven. Veel werken ontstaan vanuit observaties van planten in water: hoe vormen verzachten en langzaam worden opgenomen in hun omgeving. Voor mij is dit proces een metafoor voor de tijd en de voortdurende kringloop van groei en verval.
Deze series ontstonden in Coronatijd toen de buitenwereld stilviel. De kleuren verdwenen bijna volledig en maakten plaats voor een verstilde, ingehouden sfeer. Plantaardige vormen verschijnen als restanten: sporen van leven die vervagen of nauwelijks zichtbaar aanwezig zijn. Waar zijn wij, als deel van de natuur, aanwezig en waar afwezig?
Met Leaves richt ik me op de transformatie van de vormen van bladeren in water. Ik verbeeld het moment waarop structuren oplossen en materialen doorschijnend worden. Afgestorven bladeren kunnen diepzwart worden of juist bleek en transparant. De beweging van bladeren wordt als een dans in het water.
In de serie Dying Amaryllis focus ik op de schoonheid van het verval. Niet de bloei, maar het kantelpunt waarop de bloem verwelkt staat centraal. Verdrogende bloembladeren van de Amaryllis, de terugtrekkende vormen vormen het uitgangspunt. Verval betekent hier geen verlies, maar voor mij het ontstaan van een nieuwe vorm.
Alle rechten voorbehouden
Dubbelklik hier om uw eigen tekst toe te voegen.